“Ik heb twee dagen lang beduusd rondgelopen”, geeft Jo Cremers toe. De pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice (‘Voor Kerk en Paus’ in het Nederlands) die hem op zondag 21 december door pastoor Heemels werd uitgereikt, kwam als een volslagen verrassing. “Ik was vrij laat in de kerk”, vertelt hij. “Er was alleen op de voorste bank nog plek. Mijn dochter Nanette gebaarde dat ik daar moest komen zitten. Ik heb toen niet eens gezien dat er allemaal familie in de kerk zat. Familie van mijn vrouw Els uit Helmond en een neef uit Duitsland, met wie ik de dag ervoor nog gebeld had. Mijn kinderen hadden van tevoren wel gezegd dat ik een colbertje aan moest trekken, maar dat vond ik zo’n onzin. Het was tenslotte nog geen kerstmis. Voor de foto die na afloop van de mis gemaakt is, heb ik het colbertje van pastoor Heemels geleend. Dat paste natuurlijk niet, maar met de oorkonde ervoor valt dat helemaal niet op.” Jo Cremers kan er hartelijk om lachen. Hoewel hij niet graag op de voorgrond staat, is hij trots op de onderscheiding die hij heeft gekregen voor zijn langjarige werk als vrijwilliger in de kerk. “Het was een prachtige dag,” blikt hij terug. “Nanette had na afloop een brunch verzorgd. Toen snapte ik waarom mijn zoon Bas me gevraagd had al die vlaaien en broodjes bij Wido Thuis te bestellen. Die waren zogenaamd voor een kerstlunch op zijn werk. Nee, ik had echt niks door.”
Pro Ecclesia et Pontifice is het hoogste ereteken dat de paus kan uitreiken aan mensen die zich minstens 25 jaar hebben ingezet voor het geloof. Jo was degene die samen met Wiel Thuis, destijds voorzitter van de Schuttersbroederschap, ervoor zorgde dat de processie nieuw leven ingeblazen werd. Oorspronkelijk werd dit georganiseerd door de jongelingenvereniging (nu processievereniging). “Er werd materiaal ‘gezuumerd’ en samen met de Scouting zijn we opnieuw met de jaarlijkse processie gestart.” Bij de uitreiking van de onderscheiding memoreerde pastoor Heemels echter vooral het werk in de commissie Kerkbijdrage. “Die had ooit 10 leden”, vertelt Jo. “Maar de laatste jaren doe ik het alleen. Ik controleer de betalingen en als mensen het vergeten, dan herinner ik hen daar graag aan.” Hij nam het werk over van Henk Aukens in de jaren negentig. De parochie in Eygelshoven is voor zijn werk en voor het onderhoud van zijn gebouwen afhankelijk van deze bijdragen, dus de inzet van Jo Cremers is van vitaal belang. Hij doet zijn werk het liefst in stilte, zegt hij zelf. Volgens de toespraak van de pastoor in een kantoortje van slechts 1 vierkante meter, maar dat valt bij nadere inspectie mee. Er is genoeg ruimte voor een computerkast, een goede kantoorstoel en een kast met papieren en mappen. Het archief met krantenknipsels over gedenkwaardige gebeurtenissen in Eygelshoven bewaart Jo op de bovenverdieping.
Niet alleen de parochie profiteert van deze financiële duizendpoot. Op de tafel in de woonkamer liggen vijf nette stapeltjes Anselbodes uit 2025, klaar om gesorteerd en ingebonden te worden als jaarboek. Jo is bestuurslid en penningmeester van de Stichting Anselbode. Net zoals hij ook jarenlang penningmeester en voorzitter van de Scouting was. En penningmeester en voorzitter van de Heemkundevereniging. En lid van het Oranjecomité en allerlei feestcomités, zoals ter ere van 50 jaar Socioproject of 300 jaar Schuttersbroederschap. En mede-initiator van de carnavalsoptocht in Eygelshoven, die er kwam omdat John Bindels (uitbater van Het Schuurtje) en Wiel Hermans (restauranthouder in Terbruggen) vonden dat er met carnaval te weinig vertier was. Ook schreef Jo samen met Bernard Brouns een tijdje in het dialect voor de Vóttekletsjer. Zijn lijst aan vrijwilligersfuncties is te lang om op te noemen. “Ik ben het chronologisch overzicht ook zelf een beetje kwijt”, zegt Jo. “Ik weet wel nog dat ik het wat rustiger aan heb gedaan in de tijd dat Nanette en Bas opgroeiden.”
Als geboren en getogen Egelzer jóng is Jo Cremers bij veel Eygelshovense verenigingen en initiatieven betrokken. Maar zijn hart ligt misschien wel het meest bij de Scouting. Hij kwam als 13-jarige bij de Verkenners en ontmoette er zijn vrouw Els, die bij de Gidsen was. In 1973 fuseerde de Verkenners en Gidsen tot wat nu de Scouting is. Jo en Els zetten nieuwe groepen op, zoals de Sherpa’s en de Rowans voor meisjes en jongens van 14 tot 17 jaar. Een van de hoogtepunten die Jo zich herinnert was het groepskamp met 200 man in Bürden in Luxemburg. Dat was in de jaren zeventig. In het tweede jaar van de Roans organiseerde hij een trektocht met 13 Rowans naar Friesland, compleet met zeilen en wadlopen. “Een aantal van de jongens die toen meegingen, zijn inmiddels zelf opa”, lacht Jo.
De onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice bestaat uit een erekruis en een oorkonde. De oorkonde staat bij Jo in de woonkamer. Hij heeft al bedacht waar hij hem wil ophangen, maar is verstandig genoeg om zelf niet meer op een stoel te klimmen om een schroef te boren. Daarvoor zal hij zoon Bas of schoonzoon Ruud vragen. “Of schoondochter Sharon”, grapt hij. “Die is zo handig, die vertrouw ik dat ook wel toe.” Wie het klusje uiteindelijk ook gaat klaren, het is Jo van harte gegund dat hij nog vele jaren met trots naar zijn welverdiende onderscheiding mag kijken.
